Enkele eigenschappen van de Moeders van de Gelovigen

Hits: 3

Samengevat vanuit Zād al-Ma’ād beginnend op bladzijde 102 en verder, in het eerste deel (Resalah Publishers print 2007, Beirut, Libanon):

1. Khadīja radīAllāhu ‘anhā was de enig echtgenote die de Salām van Allāh kreeg via de Engel Gibrīl ‘alayhi al-salām.

2. De tweede Moeder van de Gelovigen is Sawda bint Zam’a en zij gaf haar dag aan ‘Ā-isha radiAllāhu ‘anhunna.

3. Ten derde komt ‘Ā-isha radiAllāhu ‘anhā en zij was vrij gepleit van de beschuldiging van boven de zeven hemelen. In Sahīh al-Bukhārī 3895 staat er dat zij twee keer tevoorschijn kwam in een droom van hem salAllāhu ‘alayhi wa salam en dat iemand zei dat zij zijn vrouw is. En zij was de enig vrouw dat niet eerder gehuwd was. En zij was de enig vrouw met een deken van waaronder de Profeet van Allāh openbaring kreeg. Zij was ook het meest geleerd van alle Moeders, zelfs nog meer dan alle vrouwen van deze Oemmah. De oudere SSahāba kwamen naar haar toe voor fatāwā.

4. Dan Hafsa radiAllāhu ‘anha en zij was de vrouw dat gescheiden werd en vervolgens weer gehuwd werd – met de Profeet van Allāh صلى الله عليه وسلم -. Dit kan gevonden worden in Abu Dawūd 2283.

5. Dan Zaynab bint Khuzayma رضي الله عنها en zij overleed nadat ze twee maanden met hem was.

6. Vervolgens trouwde hij salAllāhu ‘alayhi wa salam met Hind en zij was degene van zijn getrouwde vrouwen die als laatst overleed. En er word gezegd dat dit SSafiyya was. Over dit huwelijk zei Imām ibn al-Qayyim dat ibn ‘Aqīl had gezegd dat het duidelijk is vanuit de woorden van Ahmad dat de Profeet salAllāhu ‘alayhi wa salam geen Walī (wettig voogd) nodig heeft voor de vrouw om met hem te kunnen trouwen. En dit behoort tot zijn specifieke eigenschappen.

7. Dan Zaynab bint Jahsh en zij was er trots op dat ze ter sprake kwam in de 37e ayah van surat al-Ahzāb dat geopenbaard werd van boven de zeven hemelen waarin Allāh haar huwde aan de Profeet صلى الله عليه وسلم zonder een voogd.

8. Dan Juwayriyyah bint al-Hārith en zij was een gevangene en verzocht om haar vrijheid bij de Profeet صلى الله عليه وسلم waarop hij met haar trouwde.

9. Vervolgens trouwde hij Ramla bint abi Sufyān en er wordt gezegd dat haar naam Hind is. Hij trouwde met haar toen ze geëmigreerd was naar Ethiopië, en Negus, de leider, gaf haar 400 dinār in opdracht van de Profeet salAllāhu ‘alayhi wa salam. Zij overleed in de tijd van haar broer Mu’āwiyyah.

Dit is wat bekend staat en mutawātir is bij de biografen en historici en dat Khadija gehuwd was in Mekka en Hafsa in Medina na Khaybar.


Narrated `Urwa from `Aisha:
The wives of Allah’s Messenger (ﷺ) were in two groups. One group consisted of `Aisha, Hafsa, Safiyya and Sauda; and the other group consisted of Um Salama and the other wives of Allah’s Messenger (ﷺ). The Muslims knew that Allah’s Messenger (ﷺ) loved `Aisha, so if any of them had a gift and wished to give to Allah’s Messenger (ﷺ), he would delay it, till Allah’s Messenger (ﷺ) had come to `Aisha’s home and then he would send his gift to Allah’s Messenger (ﷺ) in her home. The group of Um Salama discussed the matter together and decided that Um Salama should request Allah’s Messenger (ﷺ) to tell the people to send their gifts to him in whatever wife’s house he was. Um Salama told Allah’s Messenger (ﷺ) of what they had said, but he did not reply. Then they (those wives) asked Um Salama about it. She said, “He did not say anything to me.” They asked her to talk to him again. She talked to him again when she met him on her day, but he gave no reply. When they asked her, she replied that he had given no reply. They said to her, “Talk to him till he gives you a reply.” When it was her turn, she talked to him again. He then said to her, “Do not hurt me regarding Aisha, as the Divine Inspirations do not come to me on any of the beds except that of Aisha.” On that Um Salama said, “I repent to Allah for hurting you.” Then the group of Um Salama called Fatima, the daughter of Allah’s Messenger (ﷺ) and sent her to Allah’s Messenger (ﷺ) to say to him, “Your wives request to treat them and the daughter of Abu Bakr on equal terms.” Then Fatima conveyed the message to him. The Prophet (ﷺ) said, “O my daughter! Don’t you love whom I love?” She replied in the affirmative and returned and told them of the situation. They requested her to go to him again but she refused. They then sent Zainab bint Jahsh who went to him and used harsh words saying, “Your wives request you to treat them and the daughter of Ibn Abu Quhafa on equal terms.” On that she raised her voice and abused `Aisha to her face so much so that Allah’s Messenger (ﷺ) looked at `Aisha to see whether she would retort. `Aisha started replying to Zainab till she silenced her. The Prophet (ﷺ) then looked at `Aisha and said, “She is really the daughter of Abu Bakr.”

Sahih al-Bukhari 2581

https://sunnah.com/bukhari/51/16


Zaynab (bint Jahsh رضي الله عنها) said yā rasulullāh salAllāhu ‘alayhi wa salam I am the greatest of your women that has a right upon you, I am the best of those that are wed and had the noblest Messenger (Gabriel) and I am the closest to you of kin, al-Rahmān married me to you from above his Throne (‘Arsh) and Gabriel was the intermediary for it to happen and I am the daughter of your uncle and you don’t have any wives that are closer to you than me.

Graded by al-Tabarī and abu al-Qāsim al-Tahāwī in Kitāb al-Hujjah.


قالت زينب يا رسول الله صلى الله عليه وسلم أنا أعظم نسائك عليك حقا أنا خيرهن منكحا وأكرمهن سفيرا وأقربهن رحما فزوجنيك الرحمن من فوق عرشه وكان جبريل هو السفير بذلك وأنا ابنة عمتك وليس لك من نسائك قريبة غيري . أخرجه الطبري وأبو القاسم الطحاوي في كتاب الحجة

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Resize text-+=