[51] Abu Khaithama ons verhaalde: Jareer leverde ons over van al-A’mash van Saalim bin Abee al-Ja’ad dat hij heeft gezegd: {Abu ad-Dardaa-e (radyAllaahu ‘anhu)} [23] zei:

معلّم الخير و المُتعلّم في اﻷجر سواء، و ليس في سائر النّاس خير بعد


“Degene die het goede onderwijst en degene die het leert zijn gelijk met betrekking tot de beloning. En er is daarna niemand van de rest van de mensen beter dan dat.”

[23] Een bijvoeging vanuit een ander versie.
Zijn keten van overlevering is munqati’ (gebroken) omdat Saalim bin Abee al-Ja’ad nooit Abu ad-Dardaa-e (radyAllaahu ‘anhu) heeft ontmoet. Het is ook onder zijn gezag overgeleverd volgens een ander lijn van overleveraars in marfoo’ vorm en zijn keten is ook da’eef (zwak).