isra-eliyat

Hits: 10

وعن عبد الله بن عمرو بن العاص رضي الله عنهما أن النبي صلى الله عليه وسلم قال‏: ‏ ‏ “‏بلغوا عني ولو آية وحدثوا عن بني إسرائيل ولا حرج، ومن كذب علي متعمدًا فليتبوأ مقعده من النار‏”‏ ‏(‏‏(‏رواه البخاري‏)‏‏)‏‏.‏

‘Abdullah bin ‘Amr bin Al-‘As (May Allah be pleased with them) reported: The Prophet (saws) said, “Convey from me, if even an Ayah (of the Qur’an); relate traditions from Banu Israel, and there is no evil (killing/murder) on that; but he who deliberately forges a lie against me, let him have his sitting-abode in the fire.” (Al- Bukhari 3461, Riyad as-Salihin 1380)

Bin Baz rahimahullah zei:

بنو إسرائيل يُسمون يهودًا، لكن عادة إذا صار..
Vertaling: “Banu israa-iel worden Joden genoemd…”

Bron: link | Mirror

Voor het weten wat de Thora en de Tenach is, zie: https://nl.wikipedia.org/wiki/Tenach


Thora en Tenach

1.) “Zie, de mens is aan een Onzer gelijk geworden in kennis van goed en kwaad.” (Thora, Genesis hoofdstuk 3 vers 22)

2.) “God is geen man, dat Hij Zijn Woord zou breken, geen menschen kind, dat Hem iets rouwen zou. Zou Hij iets Zeggen dat Hij niet Volbrengt, iets Spreken dat Hij niet gestand Doet?” (Thora, Numeri hoofdstuk 23 vers 19) (“…op hooger standpunt verklaarde men eerbiedig dat Jahwe geen berouw van iets kon hebben.”, 6e voetnoot, blz. 36, op Genesis hoofdstuk 6 vers 6)

3.) “met ulieden  sluit ik mijn verbond, dat voortaan nooit meer alle vleesch door het water van den zondvloed zal uitgeroeid worden en er geen zondvloed meer zal zijn om de aarde te verderven.” (Thora, Genesis hoofdstuk 9 vers 11)

Word vervolgd…

Laatst geüpdatet:

jul 30, 2022 @ 11:19 PM

Sufyan [bin ‘Uyayna] leverde over van Muhammad bin ‘Amr [bin ‘Alqama] van abu Salama [bin ‘Abd al-Rahman] van abu Hurayra, dat de Profeet zei:

حدثوا عن بني إسرائيل ولا حرج وحدثوا عني ولا تكذبوا علي

Verhaal van de stam van Israa-iel, het kan geen kwaad. En verhaal van mij en lieg niet over mij. (Ibn Hanbal, deel 9, pag. 250-251; deel 9, pag. 127, 207; Shafi’i, Musnad, deel 1, pag. 17)

Dit is de meest nadrukkelijke overlevering dat ooit door de Profeet over deze zaak is overgeleverd. Wij baseren ons hierop alsook op andere overleveringen bij het niet accepteren van een overlevering, tenzij het van een betrouwbare overleveraar is en wij de betrouwbaarheid kennen van hen die het overgeleverd hebben vanaf het begin tot aan het einde.

(Al-Shafi’is Risala, pag. 250-251)

Bron hadith 17225: musnad imam Ahmad ibn Hanbal رحمه الله, hoofdstuk al-Shaamiyeen (zij die uit Syrië en omstreken komen).

Resize text-+=